TERMINOLOGIE KRANTENARTIKELEN POSTERS TIJDSBALKEN TEACHING TO MAKE A DIFFERENCE OMHOOG

AltruÔsme: Levenshouding van iemand die zijn handelswijze laat bepalen door de belangen van anderen. Iemand die onbaatzuchtig is, het tegenovergestelde van egoÔsme.

Antisemitisme: Haat tegen joden als groep.

Discriminatie: Het maken van onderscheid op basis van argumenten die er niet toe doen.

Genocide: Het systematisch en bewust uitmoorden van een groep op basis van hun etniciteit, nationaliteit, religie of cultuur.

Gestapo (Geheime Staatspolizei): De geheime politie die door de nazieregering in 1933 werd opgericht.

Holocaust: De genocide op de joden door de nazi's tijdens de Tweede Wereldoorlog.

Nationalisme: Loyaliteit en toewijding voor zijn/haar eigen land. Men gelooft dat de eigen natie uniek is en dat de cultuur en tradities beschermd moeten worden. Vaak gaat nationalisme samen met het gevoel dat het eigen land beter is dan andere landen.

Nazi's: De politieke partij van Hitler. Deze partij was gebaseerd op de ideeŽn van nationaal-socialisme, antisemitisme en het geloof in de superioriteit van het Duitse arische ras.

Neonazi's Mensen die tegenwoordig de ideeŽn en methodes van de naziepartij uit de Tweede Wereldoorlog aanhangen.

Patriottisme: Vaderlandsliefde

Pesten: Het voortdurende en voor de buitenwereld meestal verborgen gedrag dat gericht is op het met opzet veroorzaken van menselijk lijden (fysiek of geestelijk) bij een bepaalde persoon.

Propaganda: Het systematisch promoten van ideeŽn, feiten en beweringen om aanhangers voor een bepaald doel te winnen.

Racisme: Een ideologie waarbij uitgegaan wordt van de superioriteit van de ene groep ten opzichte van andere groepen. Hierbij uit men minachting, vijandigheid of haat.

SA (Sturmabteilung): De SA-mannen werden ook wel stormtroepen of bruinhemden genoemd. De SA werd opgericht om tegenstanders te intimideren en werd in 1921 opgericht. De organisatie werd in 1934 door het Duitse leger overgenomen.

SS (Schutzstaffel): De SS werd opgericht in 1923 met in eerste instantie als doel Hitler te beschermen. Later werd het de elite-eenheid van het Derde Rijk.

Stereotype: Een willekeurige en valse generalisatie over een bepaalde groep mensen, waarbij de groepsleden als allemaal hetzelfde worden beschouwd met onveranderlijke en negatieve karaktereigenschappen.

Vooroordelen: Het hardnekkig vasthouden aan negatieve stereotypen van bepaalde groepen.

top of page
TALEN OVER ONDERWIJSMIDDELEN SCHOLEN LEERKRACHT MODULEN FEEDBACK ONDERZOEK HOME
OVER HET PROJECT MIDDELEN SCHOLEN LEERKRACHT MODULEN FEEDBACK ONDERZOEK